Mei was een moeilijke maand voor België omwille van de stakingen en in juni wordt er weer niet gewerkt want iedereen gaat voetbal kijken. Van al onze buurlanden is Nederland (en Luxemburg oeps) de enige plek waar de productiviteit in juni niet zal achteruitgaan. Maar niet getreurd, voetbal is een feest. Mijn kleinzoon van 2 jaar heeft zijn duivels pakje al aangetrokken en alle jongeren willen plots profvoetballer worden. Tja, een bonus van 700.000 euro is niet mis. Daar moeten Dominique Leroy en Koen Van Gerven een jaar voor werken bij resp. Proximus en Bpost. En in maart 2017 kunnen we ons alvast klaarmaken voor de geboorte van vele Kevins, Edens, Romelus en al die andere voornamen van afgetrainde lichamen die onze failed state weer op de kaart gaan zetten. Toch blijft het een heerlijke periode; volwassenen die plots fan worden van hun land en kinderen die zich plaatsen in de schoenen van duurbetaalde vedetten die nu al aan het bekijken zijn om zo weinig mogelijk belasting te betalen op hun leuke premies.

Ikzelf ben spijtig genoeg geen fan van één of andere voetballer. Ik ben immers te oud geworden om als een kind weg te dromen van Kevin, Eden, Romelu en al die virtuoze balgoochelaars. Ooit wou ik sprinten zoals Raoul Lambert, scoren zoals Polle Gazon en keepen zoals Jean Nicolay maar zo ver is het nooit gekomen want het enige doelpunt dat ik scoorde heb ik niet gezien. Het was een retro, recht in de winkelhoek, tijdens de veteranen match Olvac – Groenendaal in het Antwerpse liefhebbersverbond. Als er toen smartphones waren geweest was ik alvast een YouTube hit geworden en had ik een nominatie voor het #DoelpuntVanHetJaar op zak.

Neen, ik ben geen fan van een sportfiguur maar ik ben een fan van een ICT-figuur. Na zoveel jaren en kwartalen gespendeerd te hebben in een sector waar de “cost of ownership” blijft afnemen maar waar projecten nog steeds “te laat, te duur en niet werkend” worden opgeleverd kijk ik op naar onze enige echte Belgische digitale wonderboy. Een jonge man die drie bedrijven opstartte en ze succesvol doorverkocht, iemand die boeken schrijft die gelezen worden, een entertainer die verhalen vertelt waarnaar geluisterd wordt en die presentaties kan geven in sneltreinvaart, met of zonder powerpoint. De enige Belgische spreker die in het buitenland fees kan aanrekenen waar zelfs de Amerikaanse topsprekers (en de Rode Duivels) van dromen. Hij heeft een scherpe prijs, een scherpe stem maar hij staat ook scherp. Buiten zijn bril heeft hij alles wat ik niet heb. Ik was mij dagen niet nadat ik hem de hand heb geschud. Ja, ik wou dat ik Peter Hinssen was. Ik ben zijn grootste fan.

Peter is visionair, positivist, optimist, gepassioneerd, ondernemend en een rolmodel voor velen. Na zijn drie startups kopieerde hij zelfs het business model van zijn grootvader die met een luxebus en goedgelovige oude zielen naar Lourdes trok. Peter doet nu hetzelfde; de bus werd een vliegtuig, Lourdes werd Silicon Valley en franken werden dollars. Toch twee grote verschillen. In Lourdes maakt men van water slechts wijwater maar in Silicon Valley maakt men van zand de krachtigste chips. Daarnaast zaten Moeder Maria en Bernadette niet mee op de bus terwijl vandaag de Messias zelf reisleider is. En zo ontstaat in het nieuwe normaal een disruptief maar lucreatief business model onder leiding van deze energieke en immer enthousiaste business ICT koppelbaas.

Ik maak me echter zorgen over deze generatie goedgelovige zielen die beweren in Silicon Valley het licht gezien te hebben en verkondigen dat daar alles anders en beter is. Dat daar alles kan wat hier niet kan. Een Hinssiaan, een volgeling van Peter Hinssen, is een nieuw fenomeen, verdient een nominatie voor het #ICTWoordVanHetJaar maar is tegelijkertijd een bedreiging voor onze samenleving en zou verplicht een kenteken moeten dragen in het openbaar en op sociale media.

Hinssianen zijn immers de nestbevuilers van ons jong maar prachtig ecosysteem van startende en innovatieve ondernemers. Zij hebben over alles en nog wat een mening maar vooral zijn ze doordrongen van het feit dat het “hier” niet kan en dat het “daar” beter is. Bovendien hebben ze zelf zelden of nooit geopereerd buiten de welbeschermde cocoon van één of andere grotere onderneming. Kortom geen enkele praktijkervaring met innovatie en startups maar wel een ongezouten mening over innovatie en startups.

We maken hier weliswaar geen chips van zand maar hier huizen generaties van harde werkers met gezond boerenverstand. We hebben hier alle ingrediënten om de proeftuin te worden in de globale digitale wereld. We kunnen de wereld veroveren vanuit België als we onmiddellijk digitaal en internationaal denken. Vlaanderen heeft evenveel inwoners als Singapore en evenveel vierkante kilometers als Los Angeles Metropolitan Area. In plaats van constant over Silicon Valley te praten zouden we beter samen werk maken van #SmartFlanders. Handen uit de mouwen Hinssianen, gedaan met die bedevaarten!

Bruno Segers
Voorzitter Flanders Investment & Trade
ICT oudstrijder (Digital, Oracle, Lotus, IBM, Microsoft, RealDolmen, IrisPact)

(Deze bijdrage verscheen lichtjes gewijzigd maar onder dezelfde titel op 17 juni 2016 in de maandelijkse “bruno blogt” rubriek van Data News Magazine)